Biologisch - Dynamische Kalenders

 
 
 
 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

 

 

 

 

 

Uit de Biologisch – Dynamische zaai-  plant- & oogstkalender 

Link hier: pdf file 

voor de gebruikte symbolen en legenda

Link hier: pdf file 

De Biologisch-Dynamische zaai-,  plant- & oogstkalenders 2012.

De Biologisch - Dynamisch zaai-, plant- en Oogstkalender 2012 

is te verkrijgen.

 

Korte Geschiedenis. De oorsprong van de kalenders.

In alle oude culturen vinden we ze terug: van de Maya’s in Amerika,

van Azië tot de Kelten.

De kalendermakers richten zich op de hemel.

Zij ontdekten hemelverschijnselen

waarop zij voor hun tijdrekening konden vertrouwen

  

Rudolf Steiner (1861-1925):

legde de basis voor het biologisch - dynamisch tuinieren.

 

Maria Thun heeft in 1963:

een zaaikalender samengesteld die de leidraad vormt

om optimale resultaten te behalen.

Zij stelde dat de maan en de aarde,

bij het doorlopen van de sterrenbeelden uit de dierenriem,

verschillende invloeden uitoefenden op de natuur op aarde.

Zij heeft meerdere jaren proeven met planten gedaan,

met als doel deze invloeden beter te leren kennen en te hanteren.

Aan groei en opbrengst werd aangetoond,
dat niet alleen de maanfazen invloeden had,
maar dat bovendien de inbreng van de stand van de maan,
in de dierenriem, merkelijk groter was.
Maar dat is nog één ander verhaal.

 

Erika Reise (1970) was het hoofd van het Informatiecentrum
van de Biologische Dynamische- methode
aan het Goetheanum in Dornacht, Zwitserland
  

In 1987 heeft Jan Vanmarcke, toen voorzitter van het
“Werk der Volkstuinen” te Kluisbergen, gewestelijke inspecteur,
en secretaris van het gewest Oudenaarde, heeft
"De Biologisch-Dynamische zaai- en plantkalender"

voor het eerst samengesteld.

 

In 2000 heeft José Orins de kalender 2000 ontworpen,
zoals je hem nu kent.
Zo ontstond de huidige zaai- plant- en oogstkalender:
die de dagen, voor grondbewerkingen, het zaaien, planten, 
verzorgen en oogsten aangeeft, om optimale resultaten te verkrijgen.

  

Willen we de maan als gids in onze tuin?
Sinds het biologisch gericht tuinieren zijn terechte plaats verwierf,
krijgen ook "lunalogen" onder de tuinders een luisterend oor.
Maar wat is de waarheid over de invloed van de maan op land- en tuinbouw?
Hemellichamen hebben de mens altijd gefascineerd
al was het maar om hun feeërieke sfeer.
Niet alleen boeit het "hemeldeskundigen ",
ook zij die met beide voeten op en in de aarde staan,
worden er door gebiologeerd - mogelijk zelf letterlijk.
Geen wonder dat vooral de maan hoge verwachtingen oproept,
en mogelijk niet helemaal ten onrechte.
Verbazend is dat de maan wel degelijk invloed uitoefent
op de grote watermassa's die aanwezig zijn op de aarde.
Waarom dan ook niet op de mensen, dieren, planten, die
voor het overgrote deel uit water bestaande leven op onze planeet?
 

DE AARDE, DE MAAN en ons ZONNESTELSEL
Bij het doorlopen van de sterrenbeelden van de Zodiac, de dierenriem:
In 24 uur draait de aarde één keer om haar eigen as
De maan draait om de aarde in 27,321661 dagen.
Zij draaien beiden om de zon in 365 dagen 5 uur 48 m 45,2 s.
Zon, aarde, maan en planeten (ons zonnestelsel) draaien
om de as van de melkweg in 200 miljoen jaren.
Ons zonnestelsel:
De zon en de maan hebben invloeden op onze aarde.
Zo hebben we onze seizoenen: lente, zomer, herfst en winter.
De zon is een ster – één van de miljarden sterren in een verzameling sterren,
die we het melkwegstelsel noemen.
Van dergelijke stelsels bestaan er in het heelal ook weer miljarden.
Men weet ondermeer dat onze melkweg om zijn as draait.
In de siderische Zodiac (dierenriem) onderscheid we 12 sterrenbeelden
Ram, Stier,Tweelingen, Kreeft, Leeuw, Maagd, Weegschaal,
Schorpioen, Boogschutter, Steenbok, Waterman, Vissen.
De zon geeft onze planeet bovendien ook nogal wat extra licht,
warmte, kracht, stralen,(UV, UVI, gamma, röntgen…),
Het zichtbare licht strekt zich uit van 4000 tot 7000 Angström.
De zon is een radio bron,
weet men al sinds de beginperiode van het radiosterrekundig onderzoek
Het rôntgen en gamma onderzoek van de zon dateert uit de jaren 1960,
om dat men pas toen de beschikking kreeg over de middelen
om buiten de dampkring waarnemingen te kunnen doen.
De radiosterrenkunde heeft geweldig veel bijgedragen
aan onze kennis over het heelal.
Ook de astrologie spreekt een woordje mee.
Alle dierenriemtekens van boogschutter tot tweeling
kent men een stijgende kracht toe die overeenstemt
met een geleidelijke toename van de groei en bloei.
De overige dierenriemtekens corresponderen
met dalende krachten met rijpheid, oogst, neergang en rust.

 

DE MAAN:
In zijn 27 dagen, 7uren, 43min. en 12 sec. durende omtrek rond de aarde,
brengt de maan onze planeet bovendien ook nog extra licht.
Licht evenwel dat eerder een spectrum naar het infrarode vertoont,
maar niettemin extra licht, één van de levends bevorderende elementen.
Bovendien stellen zij dat er op aarde meerdere elementen zijn
die de groeifasen van planten beinvloeden.
Believers slagen er vooralsnog niet in het gelijk naar hun kant te halen.
Als we echter weten dat de samenstelling van de bodem,
klimatologische omstandigheden en de diverse biotopen belangrijk zijn
voor de ontwikkeling van planten,
en als we weten dat de stand van de maan daarop inspeelt,
dan kan men moeilijk beweren dat de maan géén invloed zou hebben.
Wie wil tuinieren op het ritme van de maan zal alvast
rekening moeten gaan houden met de maanfasen.

 

 DE MAANFASEN:
De fasen van de maan ontstaan doordat de maan zelf geen licht uitstraalt.
De verlichte zijde reflecteert zonlicht.
De donkere kant weerkaatst licht van de aarde.
1. Is de donkere zijde van de maan naar de aarde toegekeerd,

    dan is het nieuwe maan.
2.Tussen 1. en 3. is het wassende maan.
3. Is de maan half (na nieuwe maan) dan is het eerste kwartier.
4.Tussen 3. en 5. is het opkomende maan.
5. Is de verlichte zijde van de maan volledig naar de aarde toegekeerd,

    dan is het volle maan.
6.Tussen 5. en 7. is het afnemende maan.
7. Is de maan half (na volle maan) dan is het laatste kwartier.
8.Tussen 7. en 1. dat noemen ze afnemende maansikkel.
1. Is de donkere zijde van de maan terug naar de aard

  

Klimmende Maan
Als de maan van zuiden naar noorden beweegt
is het klimmende maan. - Zaaitijd.
Als het middelpunt van de maan zijn grootste zuidelijk min (-) declinatie bereikt.
Is de overgang van dalende naar klimmende maan.


Dalende Maan
Als de maan van noorden naar zuiden beweegt
is het dalende maan. - Planttijd: gunstig om te planten, snoeien,

enten en bemesten.
Als het middelpunt van de maan zijn grootste noordelijke

plus (+) declinatie bereikt.
Is de overgang van klimmende naar
dalende maan.

  

De maan in dalende en klimmende maanknoop.
De kruispunten, waar de maan door de ecliptica loopt,
noemen de knopen van de maanbaan.
Het kruispunt, waar de maan het eclipticavlak van zuid naar noord doorsnijdt,
is de klimmende maanknoop.
Het kruispunt, waar de maan het eclipticavlak van noord naar zuid doorsnijdt,
is de dalende maanknoop.
De ecliptica is de projectie vanuit de zon van de aardbaan.
Het eclipticavlak is het vlak van de aardbaan.

 

Maar wat is nu de rosse maan?
Volgens overlevering: zeggen de éne
Als er in de maand april twee maanwisselingen zijn,

is het de laatste maanwisseling de rosse maan.
Andere zeggen:
Als er tussen 5 april en 14 mei twee maanwisselingen zijn,
is het de laatste maanwisseling de rosse maan
De rosse maan is meestal een voorteken van nachtelijke afkoeling.
Vele tuinders hebben altijd al een vrees gekend voor de rosse maan.
Het roest worden van nieuwe knoppen,

wat zoveel betekent als het vervriezen ervan,
gaven onze voorouders de schuld aan de rosse maan.
Ieder zal wel weten dat er zich nog nachtvorst voordoet in de eerste

veertien dagen van de maand mei!
Ja, de ijsheiligen: Mammertuis, Pancratuis, Servatius en Bonifatuis.

(van 11mei tot 14 mei)

 

De plantensoorten en dierentekens

verbonden aan de vier natuurelementen:

Vruchtgewassen:
horen bij het element  vuur
en zijn verbonden met  Ram, Leeuw en Boogschutter.

Wortelgewassen:
horen bij het element  aarde 
en zijn verbonden met  Stier, Maagd en Steenbok.

Bloemgewassen:
horen bij het element  licht
en zijn verbonden met Tweeling, Weegschaal en Waterman.

Bladgewassen:
horen bij het element  water
en zijn verbonden met  Vissen, Kreeft en schorpioen.

 

Indeling gewassen:

Vruchtgewassen: 

Aardbeien, alle fruit en graan soorten, aubergines, augurken, bessen, 

bonen, courgetten, erwten, komkommers, meloen, paprika’s, pepers,

physalis, pompoen, tomaten, suiker mais,

en kruiden geteeld voor hun zaden en/of vruchten.

Wortelgewassen: (knolgewassen)

Aardappelen, aard peer, ajuin, biet, knoflook, koolraap, knolvenkel,

merikswortel, pastinaak, raap, radijs, rammenas, rode biet, sjalot,

schorseneer, witloof, wortelen en kruiden geteeld voor de knollen

en/of wortels, bloembollen.

Bloemgewassen:

Artisjok, bloemen, bloemkool, broccoli, goudbloemen, tuinbloemen,

Éénjarige en vaste bloemen, alle kruiden geteeld voor hun bloemen.

Bladgewassen:

Andijvie, asperges, bladkolen, bleekselder, grassen, kardoen, kervel,

molsla, notensla, peterselie, prei, postelein, rocola sla, rode zurkel, sla, snijselder,

snijbiet, spinazie, veldsla, waarmoes en kruiden welke geteeld om hun blad.

 

Wat zijn nu sterrenbeelden

De sterrenbeelden zijn door de mens gemaakt.

Ze verdelen de hemelbol in stukken.

Ieder deel herbergt een mythologisch figuur met een verhaal.

Sterrenbeelden bestaan meer dan 6.000 jaar.

Ze hadden dan al de functie van een kalender.

De boeren wisten wanneer een bepaald sterrenbeeld op een

bepaalde plaats aan de hemel stond, het tijd was om te zaaien,

planten, mesten of te oogsten.
        

In 1929 werden de grenzen van de sterrenbeelden

definitief vastgelegd door de International Astronomische Unie.

                           

De hemelbol werd verdeeld in 88 sterrenbeelden.

Wij gebruiken maar 12 sterrenbeelden.

Iedere ster aan de hemel hoort bij een sterrenbeeld.

 

Maria Thun over de zaai- & planttijden:
Een wassende maan zal de bovengrondse groei en bloei bevorderen.
De afnemende maan de ondergrondse plantendelen gunstig beinvloeden.
Twee dagen voor volle maan is altijd zeer gunstig om te zaaien en/of te planten.
Nieuwe maan is altijd ongunstig omdat de planten voortijdig zullen opschieden
(kan dan wel gunstig zijn bij zaadwinning)
Zaaien of planten op nieuwe maan geeft groeiremming.
De maan in dalende en klimmende maanknoop
zal altijd ongunstig zijn om te zaaien en te planten. (groeiremmende invloed)
De dagen waar maan op de kleinste
of grootste afstand is van aarde
zal altijd ongunstig zijn om te zaaien
en om te planten. (groeiremmende invloed)
Bij klimmende maan en bij maansverduistering is het gunstig
om te zaaien en ongunstig om te planten
Bij dalende maan is het gunstig
om te planten en ongunstig om te zaaien.
De begin periode van klimmende maan:
bevordert in grote mate het kiemen.
Daarom in het een geschikte moment om
de bodem te bewerken, het wieden en te enten
De begin periode van dalende maan:
is zeer geschikt om te planten en verpotten.
Daarom in het een geschikte moment om
te verspenen, toedienen van compost en te snoeien.
Zaaien en planten bij zonverduistering,
de dagen waar zon op de kleinste
of grootste afstand is van aarde
zal altijd ongunstig zijn om te zaaien
en om te planten.
Eenvoudig gesteld komt het er op neer dat we wortelgewassen

en knolgewassen bij voorkeur zaaien na volle maan.
Vrucht- en blad- en bloemgewassen zaai je best
bij wassende maan .
Verplanten of verpoten gebeurt ook het best bij wassende maan.

 

Maria Thun over de Oogsttijden:
Het tijdstip van oogsten heeft invloed op de houdbaarheid

en op de kwaliteit van de oogst.
De bovengrondse delen van gewassen,

oogsten bij stijgende maan. (zaaidagen)
Dit zijn :    
Vruchtgewassen oogsten op de vruchtdagen.
Bloemgewassen & snijbloemen oogsten op de bloemdagen.                    
Bladgewassen oogsten op de bladdagen maar enkel ’s ochtends.
Bladgewassen voor de diepvries of verwerking niet op bladdagen.
Kruiden die je oogst voor het blad en/of bloem

op bloemdagen maar enkel ’s ochtends.
Kruiden die je oogst voor de zaden en/of vruchten

oogsten op vruchtdagen.
Kruiden die je oogst voor de wortels op worteldagen

enkel ’s namiddags.
Appels & peren e.d. enkel oogsten op de fruitdagen

en bij stijgende maan (op zaaidagen)
Kersen, bessen e.d. oogsten op de bloem-  & vruchtdagen.
Zaaizaden nooit oogsten op bladdagen
Kappen van bomen oogsten op de bloemdagen

De ondergrondse delen van de gewassen,

oogsten bij dalende maan. (plantdagen)
Dit zijn:
Wortel- & knolgewassen oogsten op de wortel dagen maar enkel in de namiddag.

 

Tot Slot: 

Eeuwen lang was het leven nauw verbonden met het land.

Het werk volgde de seizoenen,

onze voorouders begrepen het ritme van de natuur.

Wordt het geen tijd om de draad terug op te nemen,

waar we hem losgelaten hebben,

toen we onze moestuinen ombouwden tot grasveld.

Hebben we in het westen al ooit zo ver afgestaan van de natuur?

We wonen in steden, in straten vol straatlantarens,

zodat we ’s nachts de sterren niet meer zien.

We kennen het verschil niet meer tussen de wassende maan

en de afnemende maan,

laat staan dat we de sterrenbeelden kunnen herkennen

 



Koninklijkevolkstuinenkluisbergen